In Deel 1 van de driedelige reeks over filantropie ging het over de vraag waarom geld geven onderdeel kan zijn van financiële planning. Niet alleen omdat geven maatschappelijk iets kan betekenen, maar ook omdat het iets zegt over je waarden, je doelen en wat je wilt doorgeven. Maar wie wil geven, moet ook naar de eigen financiële basis kijken. Want een gift kan nog zo goed bedoeld zijn: het moet wel passen bij je inkomen, vermogen, gezinssituatie en plannen voor later.

Eerst je eigen basis

Nu is het makkelijk om een beroep te doen op iemands geefgedrag. “Geef toch gewoon wat meer.” Klinkt sympathiek. Maar zo simpel is het niet.

Je moet het geld eerst hebben. En zelfs als je het hebt, betekent dat nog niet dat alles verstandig is om weg te geven. Je hebt waarschijnlijk ook andere doelen. Wonen. Inkomen voor later. Een buffer. Kinderen helpen. Eerder stoppen met werken. Zorgkosten kunnen dragen. Rust hebben. Misschien een onderneming overeind houden.

Wat kun je missen? Wat wil je missen? Wat doet het met je eigen financiële zekerheid? En wat betekent het voor je partner, je gezin of je onderneming? Dat zijn geen zuinige vragen. Dat zijn volwassen vragen.

Een gift die maatschappelijk prachtig is, maar privé voor onrust zorgt, past niet goed.

De financiële piramide

Je kent waarschijnlijk de piramide van Maslow. Eerst de basis. Daarna pas de hogere behoeften. Met financiële doelen werkt dat eigenlijk net zo.

Financiële piramide

  • Onder in de financiële piramide staan de basisbenodigdheden en -uitgaven. Denk aan eten, drinken, wonen, vervoer en normale vaste lasten.
  • Daarboven komt financiële zekerheid: een buffer, bescherming tegen grote risico’s en het kunnen opvangen van tegenvallers.
  • Daarna komt het vergaren van rijkdom. Niet rijkdom als wedstrijd, maar vermogen opbouwen voor doelen. Denk aan pensioen, opleiding van kinderen, aflossen van schulden of vermogen opbouwen voor later.
  • Pas daarna kom je bij financiële vrijheid. De ruimte om keuzes te maken. Minder werken. Eerder stoppen. Reizen. Iets nieuws beginnen. Meer tijd kopen.
  • En bovenin staat transfer of wealth: vermogen overdragen. Aan kinderen. Aan familie. Aan anderen. Aan goede doelen.

Dat betekent niet dat je pas iets mag geven als je “helemaal klaar” bent. Je kunt natuurlijk ook met kleine bedragen beginnen. Maar grote, structurele of juridisch/fiscaal ingerichte giften horen pas echt goed te worden bekeken als duidelijk is dat je eigen basis stevig genoeg is.

Van goed gevoel naar plan

Als geven past bij je financiële plaatje, komt de volgende vraag: hoe geef je verstandig?

Zonder plan wordt geven al snel hap-snap. Hier een collecte. Daar een actie. Een keer iets aan een ramp. Een sponsorloop van een neefje. Een goed doel dat belt. Allemaal prima, maar het is nog geen geefstrategie.

Een plan begint bij je kernwaarden. Wat raakt je? Onderwijs? Gezondheid? Klimaat? Kansengelijkheid? Kinderen? Kunst en cultuur? Armoede? Onderzoek? Dierenwelzijn? Je lokale omgeving?

Daarna komt de vraag welke impact je wilt maken. Wil je breed steunen of juist heel gericht? Wil je jaarlijks geven of eenmalig? Wil je anoniem blijven of juist zichtbaar zijn om anderen te inspireren? Wil je met je familie geven? Wil je dat kinderen of kleinkinderen meedenken?

Dat laatste kan waardevol zijn. Geld geven met meerdere generaties is niet alleen financieel. Het is ook opvoeding, gesprek en overdracht van waarden. Je praat dan niet alleen over hoeveel geld er is, maar over wat je ermee wilt betekenen.

Hoe wil je geven?

Geven kan op meer manieren dan geld overmaken. Een eenvoudige indeling is: doen, weten en geld.

  • Doen: je zet tijd, energie of netwerk in. Vrijwilligerswerk, bestuurswerk, meedenken of deuren openen.
  • Weten: je gebruikt je kennis. Bijvoorbeeld door een stichting te helpen met strategie, communicatie, financiën of bestuur.
  • Geld: je geeft vermogen. Eenmalig, periodiek, tijdens leven of via je nalatenschap.

Voor veel mensen is een combinatie het mooist. Geld geven zonder betrokkenheid kan afstandelijk voelen. Betrokkenheid zonder geld kan weer te klein voelen als je juist financiële ruimte hebt. Het gaat erom wat past bij jou.

En pas als je weet waarom, waaraan en op welke manier je wilt geven, komt de technische vraag: hoe richten we dit financieel, fiscaal en juridisch goed in? Meer hierover lees je in Deel 3.

Gecertificeerd Financieel Planner

Een gecertificeerd financieel planner kan inzicht geven in wat je kunt missen zonder je eigen financiële basis te verzwakken. Daarbij kijkt de planner niet alleen naar je vermogen van nu, maar ook naar je inkomen, buffer, pensioen, gezinssituatie, onderneming en wensen voor later. Zo ontstaat ruimte om te geven op een manier die past bij jou én bij je financiële toekomst.

Gerelateerde berichten

Over schenken, filantropie en financiële planning | Deel 1: Waarom geven bij financiële planning hoort
Waarom een boekhouder niet altijd voldoende is
Toeslagen? Misschien laat jij ook geld liggen

Schrijf je in voor de nieuwsbrief 'Jouw Plan'

  • Elke verandering in je leven vraagt om financiële planning!
  • Blijf op de hoogte van relevante financiële onderwerpen!
  • Advies, tips en leuke podcasts!
Je ontvangt onze nieuwsbrief één keer per kwartaal. Je kunt je op elk moment afmelden via de afmeldlink in de nieuwsbrief.

Bedankt voor je inschrijving!

Vanaf nu krijg je elk kwartaal de FFP nieuwsbrief in je mailbox.